NPS en de Hobby




Bemiddeling in raszuivere hoenders, watervogels en ganzen
Pluimvee voeren                                      
Coccidiose

De Toulouse gans, een gans van stand
Onze duif
Slecht voerende duiven
Kuikens opfokken
Anders keuren kan dat??
Het nut van hoenders
Pluimvee liefhebbers

 

****************

                                                 De Rouen eend

 

Ongetwijfeld een van de oudste vleesrassen onder de gedomesticeerde eenden met een kleurrijk verenkleed die de laatste 150 jaar onveranderd is gebleven .Het ras vind haar origine in Frankrijk waar ik enige kantekeningen plaats. Deze zware eend, werd in Frankrijk, de Rhone of Normandische eend genoemd. De Engelsen gaven deze eend de naam de Rouen eend, omdat dit ras met duizenden uit de Fransen havenplaats Rouen naar Engeland werden geëxporteerd, alwaar zij talloze markten bevolkten.

Deze nut eend, had een drieledige doel..het vet werd gebruikt voor de wolindustrie,vlees voor de consumptie en gezien haar massieve bouw, was er veel eendendons voorradig. De Fransen staan bekend dat ze men niet nauwkeurig omging met een typisch ras te behouden.

C.Belon vermeldde reeds in 1630 over zeer zware eenden met een mengeling van kleuren die de Franse rivieroevers bevolkten.

Het waren de Engelsen die dit ras perfectioneerden waarvan Baldamus in 1890 schreef dat deze eenden afstammen van de Anas Boschas. De bekende wildkleurige eend die onze beken, rivieren en meren bevolken, met dit verschil dat de kleur van de Rouen dieper en sprekender is. Over de kleurslag worden verschillende termen gebruikt.

Frankrijk wordt deze eend Rouen “fonce” (donker)..Duitsland:donkerwildkleurig, Engeland:wildkleurig en om de verwarring compleet te maken,noemt Nederland deze kleurslag..rood forel!!!!!

Rondom 1860 bereikten de Rouen eenden Duitsland, zware eenden weliswaar met een verscheidenheid van kleurslagen. Vleeseenden voor productie is in Nederland nooit van de grond gekomen. Nederland was wel goed vertegenwoordigd in houden van honderdduizenden eenden bestemd voor de ei productie..

Rondom 1900  groeide de Rouen eend in Duitsland naar een enorme bloei, niet alleen als nut eend maar ook veel liefhebbers die een ongekende aantal van 300 bereikten .

In Nederland is de belangstelling altijd beperkt gebleven. De laatste jaren neemt de belangstelling toe om de Rouen eend te exposeren, echter de meeste liefhebbers houden liever hun dieren thuis. Ik heb daar begrip voor, want wat heeft een liefhebber/fokker  aan opmerkingen van de keurmeester, nagelpuntje ontbreekt, of spiegelzoming kan sprekender .Daar zit het publiek en de liefhebber niet op te wachten.

Type en Bouw

Zodanig dat door haar immense lichaam en gewicht dat ze nooit instaat zal zijn om te vliegen

Wat gelijk op valt aan deze eend dat zij zeer diep gesteld dmv de vooruitstekende borst  ze oogt zeer massief .. Als de eend in beweging is, dan mag de kiel(de horizontale buiklijn)net niet de grond raken.

Ze is breed in de schouders met een gewelfde rug.

De snavel bij de woerd is beduidend langer als bij de eend. Het komt wel eens voor dat op de olijfgroene snavel van de woerd en de geel bruine snavel van de eend, lichtgele plekken ontstaan, trekt u zich daar niets van aan, het dier is soms wat pigment gevoelig.

Kleurbeschrijving

Ik ga u niet belasten met details er zijn duidelijke beschrijvingen hierover in de omloop.

Sprekend is bij de woerd haar smaragd groene kop, die vlak boven de borst omsloten wordt door een ¾ witte halsring die aan de achterzijde open is.Van de enorme  diepe borst spreekt men van, een wijnrode of purperen kleur. De flanken worden bedekt met een grijs parelveld .De spiegel omranding moet wit zijn.

Bij de eend wat natuurlijk opvalt is de amandel bruine hoefijzeren tekening die haar roodbruine verenkleed bedekt. Deze tekening is op de rug het grootst,Bij de kop,hals en handpennen ontbreekt de hoefijzeren tekening.

Enkele wenken

Menigeen denkt en terecht dat deze eenden voor vries-temperatuuren omgevoelig zijn, dus  geen nachthok of beschutte plek nodig hebben. Bij de Rouen eend, gezien haar gewicht is het verstandig om haar ‘s avonds bij vries temperaturen in een nachthok te plaatsen. Het zal niet de eerste keer zijn dat men Rouen eenden  ’s morgens vastgevroren aan de grond  vond met alle gevolgen van dien. Met het komende voorjaar zorg ervoor dat uw dieren niet te vet zijn,anders komen er zeker bevruchting problemen bij de woerd en legnood bij de eend.

Schoon zwemwater is een must, vanwege hun omvangrijke verenkleed, zijn de Rouen eenden constant bezig hun veren in te vetten via de stuitklier. 

Groenvoer/bladgroenten zijn onontbeerlijk en verhogen de weerstand.

Ga heel rustig met deze eenden om,want ze zijn kwetsbaar vanwege het ontbreken van hun vluchtmogelijkheden(wegvliegen) kunnen daardoor in stress komen.

Een zeer aanhankelijke eend waar u veel plezier van kan hebben

Kenneth Broekman

NPS

 

****************

 

Als Igor eten krijgt, wie is er als de kippen ?
Ons Sjaan, het zijdehoentje

 

Bemiddeling in raszuivere hoenders, watervogels en ganzen

Regelmatig wordt de NPS benaderd door teleurgestelde liefhebbers, die via internet zogenaamde raszuivere kippen en gedomesticeerde watervogels  hebben aangekocht.
Later blijkt dan dat deze dieren niet in de verste verte lijken op het gewenste ras of van abominabele kwaliteit zijn.
Vanzelfsprekend heeft de NPS veel deskundigheid in huis om deze liefhebbers te helpen gegarandeerd gezonde raszuivere, kippen, eenden en ganzen aan te schaffen.
In deze bemiddeling gaat veel tijd zitten.
Ik hoop op uw begrip dat wij voortaan een vrijwillige bijdrage van enkele euro’s gaan vragen voor bemiddeling.

De NPS

 Ook voor informatie vragen wij een vrijwillige bijdrage, wij zijn geen rijke bond of instelling. U kunt ook lid worden voor het luttele bedrag van 10 euro per jaar, en u krijgt alle informatie, begeleiding, herplaatsing, activiteiten. Zie verder lid of donateur worden.

****************

 

Het keuren van de vleesrassen onder de gedomesticeerde watervogels.

Onder de vrienden van de N.P.S. zijn ook liefhebbers die middelzware en zware gedomesticeerde eenden fokken.De meesten onder hen sturen hun dieren niet op shows in, ondermeer omdat de dieren tijdens het keuren uit de kooien worden genomen.Zelf vind ik ook dat dit niet hoort.Wij zijn het enige land ter wereld  waar de zware rassen
uit de kooien worden genomen voor een “ontdekkingsreis” naar 'foutjes'.
Het is van mij geen kritiek op de keurmeesters, wel op de structuur aan regels die dit veroorzaakt en voor deze tijd zeer verouderd is.
Het heeft ons hoofdbrekens en zelfs ruzies gekost, maar we hebben uiteindelijk bereiktdat onze ganzen niet meer uit de kooien worden genomen voor een keuring.
Als je dat "ganzen-vangen" indertijd zag dan deed je denken aan een partijtje vrij worstelen. Dieren in paniek, soms werden ze aan één vleugel door het vaak veel te kleine luiikje gesleurd, pennen braken af enz enz.
Helaas is gebleken dat ook bij de Gedomesticeerde Watervogel Vereniging geen interesse bleek te zijn om de middelzware en  zware eendenrassen met rust te laten tijdensde keuring.

Wat te doen ?

De N.P.S wil toch opkomen voor het geringe aantal fokkers dat deze rassen houdt.
Er zijn verscheidene opties:

==We kunnen onze dieren insturen bij keurmeesters waarvan wij weten dat die onze dieren in de kooien laten zitten tijdens het keuren.
Dit hebben wij reeds bereikt!!!
==We sturen af en toe onze dieren in op buitenlandse shows waar men ze wel rustig laat zitten tijdens  het keuren .
==Een optie voor de toekomst is dat wij de organisatie van de tentoonstelling vragen of onze dieren in de kooien kunnen blijven. De dieren worden dan op zicht gekeurd, dus op type, bouw en kleur, en dat wij hoeven niet mee te dingen naar de prijzen.
De laatste optie heeft nu reeds bijval geoogst.

Want het welzijn van het dier wordt verbeterd en dat is het voornaamste.
En automatisch zal de keuring zich dan meer toespitsen op bouw en type.
Dat is voor de fokker het belangrijkst.
De fokker heeft geen boodschap aan een vermelding van een verdikt voetzooltje (onze dieren lopen niet op Perzische tapijten) of “spiegelzoming kan even helderder.”
Of slordig in borstbevedering (dat kan, het zijn zware rassen)... Lieve hemel, denk ik dan, hoe komt men erop?
Men leest ook wel eens op een keuringsbriefje bij de grote ganzen rassen.
Dier heeft vuile poten. Dan vraag ik mij af..wat wil men nu ?
Een hogedrukreiniger op die poten zetten, het is toch geen doen datje met drie personen een grote gans vast   moet houden ,
dit om de poten met een washandje schoon te maken.
Het welzijn van het dier is er niet mee gediend en het vertrouwen tussen de gans en haar verzorger wordt enorm geschaad. Onze ganzen zwemmen nu eenmaal niet in binnenhuiszwembaden 
Met weemoed denk ik aan Maestro Wim Biallosterskie een man gespecialiseerd in hoofdzaken als bouw en type. Die had geen oog voor kleinigheden.
Nogmaals, geen kritiek op de keurmeesters, maar wel op de regelstructuur. 

  Kenneth Broekman.

               Bemiddeling in raszuivere hoenders, watervogels en ganzen

Regelmatig wordt de NPS benaderd door teleurgestelde liefhebbers, die via internet zogenaamde raszuivere kippen en gedomesticeerde watervogels  hebben aangekocht.
Later blijkt dan dat deze dieren niet in de verste verte lijken op het gewenste ras of van abominabele kwaliteit zijn.
Vanzelfsprekend heeft de NPS veel deskundigheid in huis om deze liefhebbers te helpen gegarandeerd gezonde raszuivere, kippen, eenden en ganzen aan te schaffen.
In deze bemiddeling gaat veel tijd zitten.
Ik hoop op uw begrip dat wij voortaan een vrijwillige bijdrage van enkele euro’s gaan vragen voor bemiddeling.

De NPS 

Top van pagina

****************

Pluimvee voeren

De Nederlandse Pluimvee Sociëteit ligt het welzijn van mens en dier na aan het hart.
Wij zoeken daarom altijd naar nieuwe wegen maar ook naar het beste voer.
Vroeger liep ons pluimvee gewoon los, de hele wereld was hun voerbak, alles wat ze nodig hadden lag voor het op pikken. Tekorten of vitamine gebrek kwamen niet voor, de vitaliteit en gezondheid straalde er van af. 
De voerbak van ons pluimvee is een stuk kleiner of ze nu los lopen of in een hok gehouden worden, het foerage gebied en het natuurlijke voedsel aanbod is een stuk beperkter.
Als schrijver en fotograaf kom je nog wel eens met fokkers in kontact, doorgaans zijn dat de heel serieuze fokkers, mensen die er alles aan gelegen is om hun dieren optimaal te verzorgen. 
Het is dan ook niet gek dat deze mensen vaak de grote prijzen wegkapen op de tentoonstellingen. Hun dieren blinken uit in gezondheid, glans, veerstructuur, pootkleur en conditie. 
Zeven van de tien winnaars van grote shows, voeren Garvo voer, dat is ons als NPS opgevallen.
Kan de gewone liefhebber daar ook zijn voordeel mee doen, iemand met wat pluimvee voor de lol in de tuin. Ja denken wij, een dier wat optimaal gevoerd wordt heeft een veel betere weerstand tegen ziekten. 
Met een goede bevedering kan het beter tegen de soms barre weersomstandigheden in ons land. Je dieren zien er beter uit, het oog wil toch ook wat en een dier wat alles wat het nodig heeft binnen krijgt, levert betere nut prestaties. Hoogwaardig voer heeft nog een plus minder mest dus minder stank, reden genoeg om Garvo te voeren
Een dier geeft ons zoveel plezier dat heeft recht op de beste verzorging en voeding. 
Wij zijn er van overtuigd dat Garvo een hoogwaardig voer levert wat beter voor de dieren is.

Top van pagina

****************

Coccidiose

Inventarisatie en nieuwe invalshoeken
van de ziekte coccidiose
bij hoenders in de hobbysfeer

 Tekst: Otto Boswinkel © 2005


De ziekte coccidiose wordt door menig kippenfokker gevreesd. Wie ooit meegemaakt heeft dat zijn veelbelovende kuikens een voor een ten gronde gingen aan deze akelige ziekte, zal ieder jaar met argusogen zijn opgroeiend spul in de gaten houden. En dat kan lonend zijn, zo is te lezen in dit nuttige boekwerkje van Otto Boswinkel. Want je moet er als de kippen bij zijn, zegt Otto; niet even aankijken, maar meteen de juiste medicamenten toedienen. Is het kwaad bedwongen, dat blijft nog de vraag hoeveel schade het darmstelsel heeft opgelopen. Het zal u duidelijk zijn dat beschadigde darmen het voedsel niet optimaal kunnen opnemen en benutten, waardoor de lichaamsontwikkeling en kwaliteit van de bevedering nogal eens achterblijven en de dieren nooit meer hoog zullen scoren op de tentoonstelling.
Otto begon een groot onderzoek naar oorzaak en gevolg, en kwam proefondervindelijk tot de conclusie dat behalve tijdige toediening van de juiste medicijnen, een gevarieerd menu met groente, kruiden en zelfs yoghurt de kip zal helpen om toch de zo noodzakelijke bouwstoffen en vitamines binnen te krijgen. Otto stelt zijn bevindingen graag tot uw beschikking. Aan de orde komen de volgende onderwerpen:
Hoofdstuk 1 Coccidiose, de ziekte en het ziektebeeld
Hoofdstuk 2 Interpretaties van de darmfunctie, bloedbeelden en ontlastingsonderzoek
Hoofdstuk 3 Medicatie
Hoofdstuk 4 Voeding
Hoofdstuk 5 Het belang van vitamines
Hoofdstuk 6 Het belang van mineralen
Hoofdstuk 7 Een totale therapie
Hoofdstuk 8 Voedingswaarden
Hoofdstuk 9 Kruiden
Hoofdstuk 10 Preventie
Hoofdstuk 11 Tot slot
Het uitgebreide artikel is een heus boekwerkje geworden onder de vaardige handen van Sigrid van Dort, en kunt u  HIER GRATIS LEZEN via http://www.avicultura.net/coccidiose.pdf
Van harte aanbevolen aan alle kippenhouders, onder dankzegging aan Otto Boswinkel voor dit belangrijke stuk research.
(Op verzoek ook als boekje te koop; vraag naar de mogelijkheden)

Top van pagina

****************

De Toulouse gans, een gans van stand

 

Deze gans werd vroeger ook wel de Garonne gans genoemd. Baldamus schreef rondom 1875  reeds over een zwaar soort gans die vertoefde rondom de rivier Garonne in Frankrijk. Deze gans werd voornamelijk gehouden voor haar lever en vleesopbrengst. Helaas verloren de Fransen haar raskenmerken uit het oog en zo ontstond er later een mengelmoes van zware ganzen.

Het waren de Engelsen die er voor gezorgd hebben dat het ras niet uitstierf. De keelwam en de buikwam werden extra ontwikkeld en dit vet werd gebruikt voor de wolindustrie.
In 1880 importeerden de Duisters een soortgelijke gans uit Normandië, die Alconer gans werd genoemd. Het was de beroemde familie Radestky (1900) uit Duitsland, die gestalte gaf aan deze gans met een koninklijke uitstraling.
Franz Radestky importeerde Toulouse ganzen uit Engeland en kruiste deze in met zijn bezit zijnde Toulouse.
Na diverse fokmethoden ontstond een krachtige diep gestelde gans met een fiere uitstraling.
Door de  beide twee wereldoorlogen was het voor  de fam.Radestky praktisch onmogelijk om de zuiverheid in hun Toulouser te handhaven. M.a.w het type stierf uit.

Het is de  N.P.S gelukt om de originele foto’s van de Radestki Toulouser te bemachtigen, maar ook tevens het “fokprogramma”  

 

Radetzky 1961

 Bij diverse fokkers verschenen op den duur te kleine dieren; de oorzaak hiervan was, dat men te veel lette op het diep gesteld zijn van het dier. Men ging er van uit: hoe dieper hoe beter en kruiste als maar Diep X Diep…Het resultaat is wel zeer diepe gestelde dieren, veel massa ,maar te klein.
De afgelopen 3 jaren hebben enige fokkers in binnen- en buitenland de handen ineengeslagen om het Radestky type  weer gestalte te geven, dat is gelukt en u ziet het resultaat hier in sommige kooien.


Een trio Radetzky Toulouse 1915 

 De Nederlandse Pluimvee Sociëteit(NPS) heeft zich bereid verklaard om dit project verder te begeleiden.
Er is voldoende literatuur voor handen over de rasbeschrijving, dus we onthouden ons hiervan
De Toulouse gans is een ontzettend lief dier, alhoewel, tijdens het voorjaar wil de Gent zijn vrouw beschermen en duld zelfs de verzorger niet nabij zijn partner. Net zoals elke gedomesticeerde gans ”huwt”een Toulouse echtpaar voor het leven. Men maakt wel eens fout om bij een paar Toulouses een extra vrouwtje te plaatsen, om meer eieren te verkrijgen…..helaas, zij zal nooit geaccepteerd worden.
Deze gans is te zwaar om zelf te broeden.De bevruchting is matig.

 

 

Het is een aanhankelijk dier dat geen zwemwater nodig heeft. Een stuk tuin met gras is een wel een vereiste; dit omdat de dieren gedurende lente en zomer graag gras verorberen. Wilt u meedoen met een show, dan raden wij u aan om uw gans niet in een stresstoestand te brengen door eventuele delen schoon te maken, zoals de poten. Onze dieren lopen niet op Perzische tapijten, dus poten zullen niet brandschoon zijn, Maar het gaat immers om de bouw, type, verenkleed en haar kenmerken. De rest is onbelangrijk.

De N.P.S. is gevraagd om in 2005/2006  een “nationale ganzen dag” organiseren. Op deze dag zullen uw ganzen niet in kooien geplaatst worden. Een zeer deskundige jury van ervaren fokkers zullen samen met u, uw dieren beoordelen en van advies voorzien. Informatie hierover is t.z.t. te lezen op onze website.

Publicatie van de NPS                

De Toulouse gans
een gans van stand.




 

De prachtige kweek koppels van Stijn Lemmens

 

Top van pagina

****************

In een zeer oud boek staat geschreven: “De duif als huisvogel vliegt met een snelheid en over een afstand die voorlopig, zoolang de wetenschap der vliegmachines nog in windselen aan de aarde gekluisterd ligt, onbereikbaar zijn voor ons menschen”.
Verder schrijft men, “Hoelang de duif reeds een huisdier is, is moeilijk te zeggen, wel met zekerheid dat dit in voorhistorische tijden dit reeds het geval was, zoodat de eigenlijke temming dateert van de jeugd onzer planeet”

Prachtige woorden uit een ver verleden, we gaan nu wat dieper in op de geschiedenis van onze duif.
Alle duivenrassen stammen af van de nog bestaande wilde duif, Rotsduif of Veldduif of Houtduif, Koolduif of Bosduif of Ringduif genoemd.
De proeven van Darwin hebben bewezen dat de enorme verscheidenheid van duivenrassen allemaal terug zijn te leiden naar deze oerduif.
Het oudste bericht van getemde of gedomesticeerde duiven komt van Prof.Lepsius een beroemde Egyptoloog, die ontdekte dat in de tijd van de 5e Egyptische dynastie, dus circa 3000 jaar voor Chr. men reeds verschillende duivenrassen teelde.

De legendes en spreuken die aan de duif zijn toegeschreven zijn talrijk.We noemen er enige op.
In de Aziatische landen was de duif in het verleden een geheiligd dier.Bij de tempels van Aphrodite hield men duiven die voor genezing konden zorgen.
In Syrië stond men een zware straf te wachten aan degene die een hand uitstak naar een duif.
Met de macht en cultuur van de Romeinen verscheen de duif over heel Europa. De duif werd een symbool voor het christendom.
Het volksgeloof beschouwde de witte duif als zielenoverbrengsters naar de hemel

Een ander mooi citaat uit het verleden wil ik u niet onthouden:
“ De duif maakt slechte nesten en daarbij laat ze een vreemdsoortig kirren hooren.Vroeger zo luidt het verhaal kon zij in het geheel geen nesten maken.
Ziende hoe de ekster dat deed, verzocht zij deze om het haar te leeren.
De ekster stemde toe op voorwaarde dat de duif haar een koe zou schenken.Die beloofde dat,
Maar toen zij na enige oogenblikken toegekeken had en gezien hoe de ekster een paar takjes neerlegde, zeiden zij dat ze er nu genoeg van wist.Zij wilde de koe niet geven, en de rechter wiens beslissing was ingeroepen was, ontzegde de duif toen het recht van verder onderricht.
Zij bouwt nu nog steeds een slecht nest en roept daarbij steeds om de ekster en de koe

Later in West Europa stond de duif niet meer in de reuk van de heiligheid. Ze werd gehouden voor mest, veren en haar bijzonder mals vlees.
Darwin schreef, de duif wordt nu louter wordt gefokt als vermaak of als siervogel. Werkelijk nut werd de postduif.

Ach lieve mensen, de wetenschap is er nog niet achter hoe de postduif haar eigen honk weer vind, zelfs over duizenden kilometers komt de postduif terug.
Allerlei theorieën worden aangescherpt, maar men weet het niet.
Maar goed ook, we behoeven als mens niet alles te weten.
Dirk de Jong vervolgt het duivenverhaal van het heden en de verzorging

Kenneth Broekman

Top van pagina

Slecht voerende duiven

Intro
Bij het fokken van sierduiven komt het nog wel eens voor dat de ouders de jongen niet grootbrengen. Ze laten gewoon na een week de jongen verkommeren en beginnen aan een nieuw broedsel. Veel liefhebbers maken dan ook gebruik van zogenaamde 'voedsterduiven', dit zijn duiven die hun jongen wel goed grootbrengen. Je moet dan echter om een paar jongen te kweken het dubbele aantal duiven houden. Ruimte is dan vaak een groot probleem. Wat zijn de oorzaken, dat veel rassen bijna geen jong groot brengen? We zullen eens een paar dingen die van invloed zijn eens op een rijtje zetten.

Standaard
Er zijn rassen die door vergaande extremiteiten, korte snavels, kopvorm of neuswratten enz. hun jongen niet meer kunnen voeren zegt men. Is dit wel waar, is dit de oorzaak? Er zijn rassen die al honderden jaren zo gefokt worden. Het kan zijn dat wij het er bij bepaalde rassen er zelf uit hebben gefokt (geselecteerd). Een probleem is daarbij de inteelt; wij gooien daarmee ontzettend veel erfelijk materiaal weg. En wij maar denken dat we alleen maar zaken weg gooien waar we vanaf wilden, zoals te lange snavels en niet geheel ronde koppen! Mogelijk corrigeert de natuur zelf, je komt op een punt dat er geen of moeilijke vermeerdering optreedt. Dit is de waarschuwing dat je als fokker op de verkeerde weg bent.

Vele zijn het eens dat er een limiet moet zijn aan de steeds maar langere hals van een Maltheser Kipduif, zo ook aan de kropgrootte van een Norwich kropper. De meeste mensen hebben vooral problemen met technische ingrepen. Zoals b.v. het bijknippen van wratten van Carriers, het voortdurend moeten inkorten van kroppen bij bepaalde Spaanse sierduivenrassen wegens verzuringproblemen.

Of het door afbranden corrigeren van snavels bij Engelse Langvoorhoofdtuimelaars, waardoor het in sommige landen al acceptabel is dat de fokker z’n dieren tijdens de show met een sonde komt voeren!!!!

Als de oorzaak een proces van tientallen jaren van steeds weer aanscherpen van de raskenmerken is, waarbij het oorspronkelijke type volledig uit het oog is verloren, dan zal de standaard aangepast moeten worden; onder invloed van de wet dierenwelzijn komt dit proces al langzaam op gang.

Papvorming
Een duif is natuurlijk heel bijzonder, dat weet elke liefhebber: een duif is het snelst groeiende dier. Na 16 dagen is het geboortegewicht van ongeveer 12 gram bij een gemiddelde duif, 23 keer vermenigvuldig tot ongeveer 280 gram. De duif is de enige vogel die met een melkachtige substantie wordt groot gebracht. Als extra bijzonderheid komt daar nog bij, dat deze substantie, ook wel 'pap' genoemd, zowel door de vader als de moeder wordt geproduceerd.

Er zijn rassen die te driftig zijn, wordt verteld; de doffers zijn zo fel dat ze alweer gaan drijven terwijl het jong nog pap hoort te krijgen. Het jong wordt gevoerd met wat granen en veel water, of neemt helemaal geen voedsel op. Een hulpeloos jong kan daar niet op gedijen en gaat dood. Wat is de oorzaak? Is de papproductie gestopt en komt dan de seksuele drift weer naar boven, of is de seksuele drift zó groot dat het jong vergeten wordt en daardoor de papproductie stopt? De literatuur geeft op de vraag: is de papvorming de oorzaak dat de seksuele drang terug gedrongen wordt, geen antwoord voor zover ik weet. Kenners denken dat de duivenpap productie een hormoonkwestie is. Het is het één of het ander, net zo goed dat een ouderpaar niet in de rui valt (terwijl ze dat volgens de tijd van het jaar eigenlijk wel zou moeten) simpelweg omdat ze aan het broeden zijn.

Ik heb wel eens gelezen dat er vrouwen zijn, die geen eisprong krijgen in de tijd dat ze borstvoeding geven, maar ook dat is geen 100 % bewezen feit. Er zijn dan ook nog heel veel vragen, bijvoorbeeld, is het vormen van pap in de krop erfelijk bepaald en kunnen we dit in de stam kweken. Misschien is het mogelijk om met voer de papvorming te stimuleren. Dit is volgens mij nog nooit onderzocht. Postduiven produceren wél pap tot hun jongen 10 dagen oud zijn. Het is van postduiven bekend dat ze bijna nooit een jong dood laten gaan, of te vroeg aan een nieuw nest beginnen.

Deze pap, de zogeheten kropmelk wordt geproduceerd in de kropwand onder invloed van het hormoon prolactine, dat afgescheiden wordt door de hypofyse. De hypofyse is o.a. onder de invloed van de hoeveelheid licht verantwoordelijk voor de productie van eieren bij alle vogels. Het is dus goed mogelijk dat de papvorming van invloed is op de seksuele drift. Welke student, die nog een leuk onderzoek zoekt neemt de uitdaging aan?

Wie bang is dat zijn jonge duiven toch wat te kort komen kan ze met de hand wat korrels, bijvoorbeeld P40, toestoppen. Niet vergeten na de korrels ruim lauw water in de krop te spuiten; met een oude plastic injectiespuit zonder naald gaat dit uitstekend. Ook kan je de P40 korrels eerst laten weken en dan die pap inspuiten. De ervaring leert dat wanneer je ze in die kritieke periode zo’n twee dagen bijvoert, de ouderdieren daarna toch weer de verzorging op zich nemen.

Vrijheid
Een andere oorzaak kan verveling zijn; altijd maar in een kleine ruimte met veel soortgenoten. Alleen de mogelijkheid voor een snelle wip die weinig bevrediging biedt. Van nature is een duif een vlieger, niet slechts om voedsel te zoeken, maar ook voor het pure plezier. Een duif die op regelmatige tijden mag uitvliegen is daar al een uur van tevoren alert op.

Het minnespel vrij in de lucht is een lust voor het oog. De doffer verliest zijn duivin geen tel uit het oog, hij volgt haar constant, op een tiental centimeter afstand al haar wendingen volgend. Daarna probeert hij haar naar beneden te krijgen, als dat gelukt is volgt een uitgebreid liefkozen op het dak. Na de daad wordt weer klapwiekend het luchtruim gekozen. Dit heeft nog een positief element: onbevruchte eieren worden een zeldzaamheid.

Duiven vrij uit laten vliegen wil niet zeggen dat je ze de hele dag op het dak moet laten rondhangen. Een echte liefhebber heeft zijn duiven onder appèl, die laat ze 1 of 2 maal per dag een half uur tot een uurtje losvliegen en roept ze dan binnen. Je kunt ze dan goed in de gaten houden met het oog op roofvogels en katten. Op deze manier gehouden duiven zullen ook geen overlast voor de buren zijn. Door je buurtgenoten op de gedragingen in de lucht te wijzen, kun je soms hun belangstelling voor duiven opwekken.

Het uitwennen van duiven begint niet met het hok openzetten. Al weken van tevoren, eigenlijk moet je dit altijd doen, roep en fluit je voor dat je de duiven eten geeft. Je duiven herkennen je stem en weten dat er dan eten te halen is; zo kun je ze dan weer terug naar binnen lokken of 'melken'. Als je zorgt dat ze trek hebben voor je ze loslaat is het geen enkel probleem, let wel trek, niet honger laten lijden. Als ze honger lijden en ze komen om de een of andere reden wat te ver van het hok terecht, lopen ze zó overal binnen en gaan niet op zoek naar het eigen hok.

Voor wie bang is dat zijn duiven het veld gaan bezoeken en daar een vergiftiging van kunstmest of zo oplopen, is hier een tip die ik kreeg van een postduivenmelker: Hij heeft voor zijn duiven een potje legmeel voor kippen in het hok staan, net als grit en mineralen. Zijn duiven gaan niet meer naar het veld, wat ze voordien veelvuldig deden. Op het veld zoeken duiven wat aanvulling op de voeding, legkorrels voorzien blijkbaar in de behoefte.

Tot slot
Wie op deze manier zijn duiven gaat houden krijgt nog meer plezier in zijn of haar hobby, ook je duiven varen er wel bij. Wat is er mooier dan op een mooie zomeravond van het spel van je duiven te genieten! De liefhebbers van rollers, kroppers, hoogvliegers of tuimelaars krijgen daar mogelijk nog wat extra’s bij, als de speciale raseigenschappen nog in de duiven aanwezig zijn.

IJsselstein juli 2003 Dirk de Jong

Top van pagina

Kuikens opfokken

Elk jaar weer opnieuw begint onze hobby met de hoop van het nieuwe leven wat uit de eieren kruipt. De foktomen zijn natuurlijk zorgvuldig samengesteld, het goede type ligt aardig vast, net als de kleuren. In tegenstelling tot postduivenliefhebbers zoeken kippenfokkers het altijd in het goedkoopste voer. Duivenmelkers proberen met een gevarieerd voer en allerlei toevoegingen hun dieren tot grotere prestaties te krijgen. Dat lukt niet altijd maar postduiven die zo verzorgd worden zitten altijd strak in de veren en de voortplanting is ook geen enkel probleem.

Bij duiven is veel onderzoek gedaan naar voedingsbehoefte, er gaat daar ook veel meer geld in om dan in de hoenderhobby. Zelf voer ik bijna elk jaar anders, onderzoeken vind ik nu eenmaal leuk. Daarbij heb ik altijd een hang naar de natuur en naar vroeger, door gemakzucht laat ik de moderne zaken niet links liggen.

Dat bij hoenderfokkers het voer een stiefkindje is kan je ook merken in reportages bij topfokkers, het onderwerp voer komt niet of mondjesmaat aan bod. Dit in tegenstelling bij postduivenreportages, daar worden alle graantjes in percentage genoemd, inclusief de bijproducten die de winnende duif genuttigd heeft.

Daar ik vrij nieuwsgierig ben, vraag ik altijd wanneer ik een kip glad strak met mooie brede pennen en een volle staart zie, wat voert u. Het antwoord 7 van de 10 keer is dan Garvo, dit moet een ontzettend goed voer zijn maar helaas niet overal verkrijgbaar. Ons lid van de FHC, Rob de Lange heeft eens zijn kuikens helemaal opgefokt met Sivo start en opfokvoer. Hartstikke duur maar je weet niet wat je ziet aan veerkwaliteit, de broertjes en zusjes die bij mij opgefokt werden met Kasper Faunafood kwamen duidelijk te kort.

Dat er eiwitten en eiwitten zijn, (beide genoemde voersoorten hebben een heel hoog eiwitgehalte), merkte ik aan het feit dat mijn hennen, gevoerd met Kasper Faunafood al met drie en halve maand aan de leg waren.
Het jaar er op ben ik overgeschakeld op Havens Start en Grow, een grove maling meel, heel natuurlijk; je kan heel veel granen en peulvruchten die er in zitten zo herkennen. De voordelen: niet duur en je voert van kuiken tot volwassen hetzelfde voer dus geen opfok 1 en opfok 2. Nadelen: ze morsen heel veel, ze zoeken de lekkerste hapjes op. Mogelijk eten ze niet alles wat ze nodig hebben. Dit jaar 2003 de zaak van het opfokken weer eens anders aangepakt. Achterliggende gedachte, ik wil minder verlies van voer, het dierlijk eiwit is uit het hoendervoer verdwenen. Voeg daarbij de problemen met de vogelpest, je mocht geen dieren vervoeren.
Normaal ruim ik veel ouderdieren op in verband met ruimtegebrek, er was vraag genoeg maar helaas. Ik had dus een overschot aan eieren, nu zijn er liefhebbers genoeg, maar aan alleen maar geven gaat de beste koe dood. Het Havensvoer Start en Grow was goed bevallen, dat mocht blijven, het is alleen allemaal wel erg plantaardig. Vroeger zaten er dierlijke eiwitten in het opfokvoer voor kippen, dit wilde ik wel weer terug.
De eerste vijf, zes dagen voer ik half om half Start en Grow en Sivostart, ze eten dan nog niet zo veel en dan vallen de kosten ook wel mee. Dan schakel ik over op een geheel eigen samenstelling en daar ik kennis altijd graag wil delen volgt hier het recept. Ik ben van plan tot de eerste grootte rui dit te blijven voeren, ze zijn dan zo’n 3 tot 4 maanden oud.
Een klein emmertje -ik denk een litermaatje- is mijn maatbeker. Doe er ± een pondje voer in. Maak een kuiltje en breek er een ei in. Daarna druppel ik er tien druppels multivitamine druppels van Bogena op het ei.
Het ei los roeren met een vork met 1/4 liter karnemelk, daarna kan je de hele boel goed doorroeren tot het een rulle massa is. Hoe de op deze manier gevoerde kuikens er als volwassen dier er uit zien en zich ontwikkelen, zal de toekomst leren. Ze zien er op dit moment in ieder geval veelbelovend uit. De karnemelk kan je ook aanlengen met water als je het nog te droog vind.
De manier van huisvesting bij het opfokken speelt ook een rol. Kuikens die al op jonge leeftijd vrij in een ren, van regen, zon, groen, insecten enz. kunnen genieten kunnen tekorten in het voer makkelijk zelf aanvullen. Zitten je dieren vast in een hok dan kan je proberen zoveel mogelijk de natuur te benaderen. De gouden regels bij het opfokken van kuikens.
Deze gelden zowel voor loslopende als voor vastzittende dieren, al zal je voor de laatste meer moeten doen.
Zorg altijd voor fris en schoon water, minimaal elke dag verversen. Dit hangt af van de hoeveelheid kuikens en de grote van het hok (de vervuiling)
Houd ze graag, ofwel iets hongerige dieren eten meer, dan dieren die knoeien met voer. Een paar uur zonder eten is normaal geen enkel probleem als ze daarna hun buikje vol kunnen eten.
Houd de temperatuur in de gaten, liever iets te koud dan te warm. Let wel op, kuikens die van de kou op een hoop in een hoek kruipen, verbroeden de binnensten. Deze kuikens krijgen vaak veel last van coccidiose en groeien slecht.
Houd ze gezond, gelijk met het de dierlijke eiwitten zijn ook de geneesmiddelen uit het voer verdwenen. Let dus op de zo geheten strontkontjes, die wijzen op coccidiose. Tegen veel ziektes kan men preventief geneesmiddelen geven.
Let op ongedierte, luis en rode bloedmijt gedijen prima in de warme, wat vochtige omgeving van een koppeltje kuikens. Het zelfde geldt voor coccidiose, vroeger zaten er medicijnen in het voer, tegenwoordig moet je die zelf apart toe dienen.
Zorg altijd voor grit en steentjes, dit zijn de tanden van een kip, ook halen ze er kalk en andere stoffen uit. Kuikenmineralen mogen eigenlijk ook niet ontbreken, alleen zijn ze vaak niet zo makkelijk te krijgen. Mineralen voor duiven zijn dan een goed alternatief, deze zijn in verschillen soorten ruim te koop.
Groenvoer is ook onmisbaar, je kan dit in vele vormen geven. Fijn gesneden gras en brandnetels zijn het beste, beide grote vitaminebronnen. Als je geen tijd of zin hebt om dit te plukken kan je ook andijvie, koolsoorten of wortels voeren. Ook appels en peren worden graag gegeten samen met boerenkool en wortels zijn dit in het najaar en de winter een perfecte aanvulling op het voer.

IJsselstein 2003 Dirk de Jong

Top van pagina

Anders keuren kan dat??

Om de terugloop van het aantal fokkers te stuiten proberen allerlei knappe koppen van alles en nog wat te bedenken. Bij Beestenspul was het idee gerezen om de Spaanse duiven rassen eens door een Spaanse keurmeester te laten keuren.
Leuk idee en het sloeg zo aan dat er een tweede keurmeester uit het zuiden moest worden gecontracteerd. De organisatie kwam toen voor het probleem een schrijver te vinden die thuis was in de speciale dierentermen en de Spaanse of Franse taal machtig was.
Na veel mensen benaderd te hebben nam niemand de uitdaging aan, ten einde raad werd de secretaris van de Franse Hoender Club Dirk de Jong gebeld. Die wist wel een oplossing, Fred Broekhuizen vice voorzitter van de Franse Hoender Club, die durfde wel met wat hulp van Dirk. Zo gingen we samen in de vroege morgen van donderdag 19 september op pad, twee watermannen altijd in voor een geintje.
Hoewel de schrijvers goed geïnstrueerd waren door de organisatie, dat het een keuring naar Nederlandse begrippen moest worden, vielen de twee buitenlandse keurmeesters snel terug in hun eigen stijl. We mogen best trots zijn op onze goed opgeleide keurmeester corps die alles en nog wat weten over veerkleur en type en stand van het keur aan rassen die je in de kooien tegenkomt.
Toch was de benadering van de buitenlandse keurmeesters een toegevoegde waarde. Niet alleen het uiterlijk was belangrijk, maar juist het karakter was van doorslag gevende betekenis. Probeer zo’n bewogen mens maar eens te remmen, dat wilde we niet eens.
Het keuren van de duiven door Emilio Blasco op het Beestenspul was een belevenis op zich. Voor dat wij aan de daadwerkelijke keuring begonnen liep hij al dansend, zoals een echte Spanjaard betaamt, langs alle door hem te keuren kooien. Wat opviel was dat hij aan diverse inschrijfkaarten, een ezelsoortje vouwde.

Een keurmeester die danst voor de kooi die in vervoering raakt bij een karaktervol dier zo moet een Figurita, een soldaatje in zijn kooi zijn en niet bang. Een kropper, geen dood vogeltje, maar temperamentvol, er werden duiven uitgescholden voor stadsduif, of wat denkt u van de opmerking, type treurig.
Ondanks deze aparte manier van keuren had hij er wel degelijk verstand van, want de uiteindelijke winnaars kwamen uit de kaartjes met de ezelsoren. Wat verder opviel was dat het een keuring zonder tussenlaag werd, de top en een onderlaag, niet leuk voor een inzender met een gemiddelde kwaliteit. Toch werden in alle rassen en of kleurslagen de beste dieren er uit gehaald.
Het is buitenkijf de winnaars hoor je niet klagen maar dat is de kleinste groep, de verliezers hoor je wel, de keurmeesters hebben het altijd fout gedaan in hun ogen. Maar bedenk wel als iedereen tevreden zou zijn was ertussen de kooien niets te discussiëren en dat is toch één van de leukste dingen naast het winnen op een tentoonstelling.
Voor Ons een zeer leerzame dag, zowel op het gebied van keuren als het spreken in diverse talen. Het ging in het Frans, Duits, Spaans en soms met lichaamstaal. Na afloop hebben we met een aantal mensen nog leuk na zitten praten met een hapje en een drankje.

Salute, Fred en Dirk.

Top van pagina

Het nut van hoenders

Onze hobby loopt met rasse schreden achteruit, dat wil zeggen de tentoonstellingliefhebbers verminderen. Het aantal liefhebbers voor kippen voor de lol of het eitje neemt echter toe in ons land.
Houders van Pluimvee lopen tegenwoordig voorbij aan de oorspronkelijke drijfveer van het houden van hoenders, het vlees, de eieren, mest of veren. Tegenwoordig houden en fokken we hoenders om een zo mooi mogelijk dier in de kooi te krijgen. We streven veerschoonheid na, daarbij verliezen we de oorspronkelijke nut eigenschappen uit het oog.
Het opeten van je eigen dieren is in ons land vaak een gevoelig onderwerp, in België en zeker in Frankrijk wordt daar geen enkel probleem van gemaakt. Daar vind je in elk clubblad wel 1 of meerdere recepten, ook op tentoonstellingen zie je standjes met producten die van de tentoongestelde dieren zijn te maken.
Bij ons verdwijnt wel eens een overtollig haantje in de soep en daar houdt het nut wel op, wat overblijft zijn de eieren die lust iedereen wel. Nu missen wij de eetcultuur van de zuidelijk gelegen landen, toch kan het geen kwaad eens een balletje op te gooien.
Deze discussie is niet nieuw door de jaren heen zijn er mensen geweest die bezig zijn geweest met uiterlijke en nuttige eigenschappen, getuige de onderstaande uitspraken die ik heb mogen optekenen.
Blikjes jagen kost geld, het vlees verkoopt beter dan de veren, als je niets anders hebt dan stront heb je er niks aan.
Over het algemeen richten wij ons teveel naar de standaardeisen van onze hoenders. Daarbij wordt niet of te weinig gekeken naar productie en of innerlijke kwaliteiten. Toch liggen de speciale eigenschappen aan de oorsprong van het ontstaan van vele rassen. Bijna elke club die actief is op het gebied van dieren heeft als doelstelling in de statuten staan het in standhouden en bevorderen van het ras. Zouden we de speciale nuteigenschappen van verschillende rassen niet kunnen gebruiken om ze te promoten en ze zo meer in de belangstelling te krijgen.
Nu moet je met iets “nieuws” ergens beginnen, vaak moeten mensen langzaam aan een idee wennen, zeker in onze hobby. Een goede start zouden meer eierenkeuringen kunnen zijn en bij de fok daadwerkelijk selecteren op de legeigenschappen. Je kan selecteren op grootte van de eieren, de hoeveelheid, de kleur of een goede winterleg zonder bijlichten.
In Engeland zijn er bij elke grote show eierenkeuringen, ik heb de Engelse standaard vertaald om u een indruk te geven hier onder een korte samenvatting.
In Engeland kent men 5 categorieën of klassen collectie van 1 ei, 3 eieren en 6 eieren versierde of beschilderde eieren en open gebroken eieren waar van de inhoud beoordeeld word.
Bij deze laatste categorie kijkt men naar de versheid en de kwaliteit van de dooier en het dikke eiwit. De dooier moet mooi van kleur zijn en mooi half rond in het midden liggen van het eiwit dit vereist enige kennis van de keurmeester bij het openbreken. Het eiwit rond de dooier moet dikker zijn dan het eiwit aan de buitenrand, ook moeten de hagelsnoeren aanwezig zijn net als de kiemschijf op de dooier. Bloedspatten of andere ongerechtigheden in het ei zijn min punten.
Bij de externe keuring wordt gekeken naar de vorm, de schaalkwaliteit en de frisheid van het ei.
De collecties worden beoordeeld op gelijkheid in kleur, grote en vorm.
In België hebben verschillende shows de eierenshows al met succes ingevoerd. Dat dit onderwerp nog lang niet uitgediept is blijkt wel in Merelbeke, daar houden ze voor het vierde jaar een eierenshow. Iedere inzender brengt 15 eieren en een trio hoenders van het ras dat de eieren gelegd heeft. De eieren worden beoordeeld als collectie 7 eieren in een mandje, een bordje met 3 eieren externe beoordeling, 1 ei voor interne beoordeling en 4 reserve eieren. De hoenders worden niet gekeurd, alleen wordt er gevraagd ze wel op een aanvaardbare kwaliteit te showen.
Onze hoenders zijn zo bijzonder, over een ei is zoveel te vertellen, laten we dit eens proberen uit te buiten in het belang van onze schitterende hobby.

Dirk de Jong

Top van pagina

Pluimveeliefhebbers

Pluimveeliefhebbers kunnen ruwweg onderverdeeld worden in drie verschillende categorieën:
• de liefhebbers, die wat pluimvee houden voor hun plezier en/of het nut
• de rasfokkers, degene die pluimvee fokken om een ras te veredelen of voor uitsterven te behoeden
• de hobby-fokkers, die pluimvee fokken om hun schoonheid en daarmee aan tentoonstellingen deelnemen

De meeste pluimveeliefhebbers behoren tot de eerste categorie.
Van oudsher wordt er pluimvee gehouden. Rijke mensen hadden sierpluimvee: pauwen, fazanten, exclusieve sierduiven en raskippen. Het gewone volk had ‘boerenkippen’, hoofdzakelijk voor het nut, ofwel: ei en vlees. De afgelopen 40 jaar raakte het houden van kippen bij huis helemaal uit de tijd. Een ei kost praktisch niets in de winkel, en kippenvlees nog minder. Tegenwoordig is het houden van pluimvee weer in zwang. Meestal betreft het een aantal kippen in een hok met loopren in de tuin, of loslopende kippen, die ’s avonds in een nachthok gaan. Men geniet van de verse eieren en de altijd gezellig ‘pratende’ kippen, de kleurenpracht van de watervogels in een vijver, of het rustgevende gekoer van de duiven in de volière of duiventil. De kippen zijn vaak niet raszuiver of leghybriden. Of ‘tweede keus’ van de rasfokker; het ei smaakt er niet minder om. De kip, eend enz. zelf is ook niet te versmaden; vooral gezien de twijfelachtige status van het in de supermarkt aangeboden kippenvlees, is het ronduit zonde om een overtollige huis-en-tuinkip in de klikobak te gooien of te begraven, zieke of dood gevonden dieren natuurlijk uitgezonderd. Veel basiskennis over het houden van pluimvee is verloren gegaan. Een ander groot probleem is dat men niet kan of wil slachten.

De Nederlandse Pluimvee Sociëteit kan u helpen met nuttige informatie over het verzorgen van pluimvee. Wij vragen u om in eerste instantie gebruik te maken van de website van Loes Schutters www.schutters.net/kippen/ Op deze site zijn al heel veel ‘kant-en-klare’ oplossingen en antwoorden te vinden. Vindt u hier niet het antwoord wat u zoekt, dan kunt u uw vraag op het forum zetten. (Desgewenst kunnen wij dat ook namens u doen). Voor dringende, moeilijke of discrete zaken kunt u evenwel altijd direct contact opnemen met onze secretaris Kenneth Broekman, per post, telefoon (zie onder) of per e-mail:info@nederlandsepluimveesoc.nl , zo ook met de vragen waarop u geen bruikbaar antwoord heeft gekregen via het forum.
Bovendien kan de Nederlandse Pluimvee Sociëteit bemiddelen bij het vinden van een deskundige pluimvee-slachter, eventueel bij u thuis.

Oud boek over hoenders
Voorzijde van een oud boek over hoenders

De rasfokkers
Zij zijn degenen die in de loop van tijd er voor gezorgd hebben dat niet alle rassen zijn uitgestorven. Immers, met de komst van de vlees- en leghybriden was er geen interesse meer in de oude, oorspronkelijke rassen, die qua groeisnelheid of leg niet konden tippen aan de nieuwe creaties. Het valt echter niet mee om een perfect dier te fokken. Niet ieder kuiken is zomaar een kampioen. Veel rasdieren vinden dan ook een plek bij de mensen uit de andere twee categorieën, simpelweg omdat deze dieren niet voldoen aan de hoge eisen die de fokker stelt. Of die de keurmeester stelt, want op de tentoonstelingen wordt toch veelal uitgemaakt welk dier de mooiste is, al hoeft dat niet vanzelfsprekend ook het meest ideale fokdier te zijn. De rasfokkers zijn altijd aangesloten bij bonden en verenigingen, en kunnen daardoor terugvallen op uitgebreide kennis van zaken binnen die organisaties, standaardomschrijvingen, mogelijkheden om hun dieren te ringen en te laten enten en zo meer. De eerste categorie liefhebbers voelt er weinig voor om zich te laten organiseren of registreren, maar de hier opgesomde voordelen klinken misschien toch wel verleidelijk.

U kunt zich aansluiten bij de Vrienden van de Ned.Pluimvee Sociëteit voor 10 euro per jaar.
Daarvoor ontvangt U:
- Gratis advies, bemiddeling in aan en verkoop van dieren
- Uitgebreide Nieuwsbrief
- Gratis plaatsing advertentie in 3 buitenlandse talen
- Uitnodigingen van de NPS bezoeken in binnen en buitenland
Verder is de N.P.S. bezig met het ontwikkelen van plannen aangaande de mogelijkheid tot het laten enten tegen de NCD (=pseudo-vogelpest) en andere services. Zodra hier meer over te melden is, kunt u dat lezen op de pagina: ‘Nieuws’

De hobby-fokkers uit de derde groep
vormen eigenlijk automatisch al een brug met de andere twee groepen. Wie bijvoorbeeld prijs stelt op een éénvormige toom kippen, kiest namelijk een ras wat hem/haar aanspreekt. Keuze genoeg trouwens! Zij zijn veelal begonnen met een enkel toompje kippen voor de gezelligheid of het verse ei. Maar na dag in, dag uit dat moois te hebben bewonderd, komt men al gauw tot de conclusie dat het misschien wel de mooiste kippen van het land zijn, en is de kriebel om eens mee te doen met een tentoonstelling geboren. Jammer genoeg zal daar vaak genadeloos blijken dat men ‘begonnen’is met afdankertjes van de rasfokkers; kleine ‘foutjes’, die u nog nooit opgevallen waren, worden door de keurmeester streng afgestraft. Hun keuring is dan ook uitsluitend gericht op het uitkiezen van dieren met alle pure raseigenschappen, in de hoop dat daarmee verder gefokt kan worden om het ras te behouden. Een beetje te vergelijken met bijvoorbeeld de paardenkeuringen, waar men het predikaat ‘ster-merrie’ kan verdienen. Een gebruikelijk systeem, ook voor runderen, geiten, honden en katten. Een en ander wordt daar officieel geregistreerd en gaat vergezeld van stamboekpapieren. Het is een uitgemaakte zaak dat een dergelijke manier van keuren/selecteren noodzakelijk is voor het behoud van een ras. Maar of we ooit in ónze hobby advertenties zullen tegenkomen als: Staat ter dekking, Henri II, mijn prachtige Maranshaan, 2 x Kampioen van Nederland, zoon van Henri I, Kampioen van Frankrijk……och, wie weet, zó gek is het eigenlijk niet. Wie weet ligt dáár wel de oplossing, tentoonstellen in twéé klassen: de liefhebbers, die op zo’n dag toch een vergelijkend waarde-oordeel over hun dieren kunnen krijgen, en de topfokkers voor de strijd om de ware raskampioen.

Keuring in vroeger tijden
Een keuring in vroeger tijden
Keuring op de Kennemerlandshow
En een keuring tegenwoordig (Kennemerlandshow)

Het D.E.N.K.-team van de Nederlandse Pluimvee Sociëteit onderzoekt de mogelijkheden om een ander soort tentoonstelling te houden, eventueel als onderdeel van een reguliere show. Hierbij willen we dan een andere manier van keuren voorstellen, en wel zónder de dieren uit de kooi te nemen; iets wat in veel andere landen de gebruikelijke gang van zaken is.(Daar kent men ook niet: ’mooiste hoen , eend, etc. van de show’, maar mooiste van het ras). Het volstaat om alleen de uiteindelijke gegadigden voor de kampioenstitel door de keurmeester in de hand te laten nemen voor nadere beschouwing. Deze tentoonstellingen willen we min of meer vormgeven in de stijl van de ééndaagse Summerfairs zoals men die kent in Engeland en de USA. Wij staan open voor ideeën, óók die van u!

1000 kuikentjes
Soms wil het niet lukken….en soms heeft men ineens wel héél erg veel kuikentjes ;

Top van pagina